Dijkhuis

Verhalen

Wat anderen over ons zeggen

 

Wonen, werken, leren en werken als vrijwilliger: het gebeurt allemaal dagelijks in ‘t Dijkhuis, En dat levert mooie ervaringen en verhalen op. Onze cliënten, medewerkers, stagiairs en vrijwilligers vertellen graag hun verhaal over ’t Dijkhuis. Laat u verrassen!

 

 

Stichting Woon-, Zorg-,
En Dienstencentrum ’t Dijkhuis
Gorsselseweg 2
7437BE Bathmen

0570 541 644
info@hetdijkhuis.nl

Vrijwilligers

  • Mirjam Schreuders

    Nieuwe blog Nathalie Steffens: Pluk van de Petteflet

    De avondzon geeft nog een lekkere warmte af. Dus gaan mevrouw en ik nog even op pad. Het plan is om een wandeling door het dorp te maken.

    Als we ’t Dijkhuis uit wandelen, wordt onze aandacht direct al getrokken door een aantal mooie kleurige planten en bloemen. Ik pluk een takje lavendel en laat het mevrouw ruiken. Mmm zalig, ze vindt het heerlijk. We snuiven de geur intens op. Keer op keer. Logisch dus dat het takje met ons mee gaat.

    Als we hierna langs een restaurant lopen, zien we de rode loper al uitgerold op de stoep liggen. Gekscherend zeg ik: “Dat hebben ze vast speciaal voor ons gedaan. Het wordt vast een bijzondere avond”.

    “Nou, dat denk ik toch niet”: antwoordt mevrouw lachend.

    En zo lopen we langs allerlei huizen, waar mevrouw allerlei interessante dingen ziet. Nog een stuk verder komen we langs een tuin, waar twee katten zich schuil houden. Nieuwsgierig komen ze een stuk op mevrouw haar roepen af. Poes, poes, poes! Eerlijk gezegd denk ik dat ze niet vaak een rolstoel hebben gezien. Want van een afstand bekijken ze ons met grote ogen.

    Vervolgens vinden we nog een dennenappel waar mevrouw de schoonheid direct van inziet. Ik geef hem haar aan, waarna zij hem uitgebreid bestudeerd. Ze vindt hem heel mooi. Haar enthousiasme steekt mij aan. Ik vind het opeens ook een bijzondere vondst. Bijzonder hoe haar kijk die van mij doet veranderen. Ook de dennenappel gaat met ons mee.

    Een margrietje en veel andere ontdekkingen later, wandelen we weer rustig richting huis.

    En dan opeens worden we ingehaald door een grote brandweerwagen. Tot mijn verbazing en lichte schrik draait ie zo het terrein van ’t Dijkhuis op. De sirene laat zich even horen. Kort maar krachtig.

    Er zou toch geen brand zijn?!

    Als we dichterbij komen, zien we dat de grote wagen de ingang van ’t Dijkhuis grotendeels blokkeert. De brandweerman bij de deur wenkt ons, we kunnen gewoon naar binnen. Ah gelukkig, niks aan de hand dus.

    Eenmaal binnen gekomen lijkt er toch wel degelijk iets aan de hand te zijn.

    Er staat een groep mensen met gele hesjes aan, met erop de tekst ‘BHV-er’. Mevrouw en ik krijgen kort maar krachtig uitgelegd wat er aan de hand is en worden naar de stamtafel gebracht, waar we wat kunnen drinken.

    Het blijkt dus om een oefening te gaan. Maar wel een serieuze oefening, want elke BHV-er en brandweerman neemt z’n taak zeer serieus. Met flinke passen lopen ze door ’t Dijkhuis heen. Van links naar rechts, van boven naar beneden en weer terug. Geconcentreerde blikken, heldere taal, veel overleg, er wordt goed samengewerkt. Het betekent wel dat geen enkele bewoner nu naar zijn of haar kamer terug kan. Een verzorgende zorgt gelukkig voor een gezellige sfeer aan de stamtafel, waardoor iedereen de situatie vrij gemakkelijk neemt zoals ‘ie is.

    Ondertussen sjouwen de brandweermannen zware poppen van de trappen af. Alsof er echt bewoners gered worden. Heuse reddingsacties. Mevrouw en ik vinden het indrukwekkend.
    Tijdens deze operatie gaat het brandalarm nog een paar keer af, wat uiteraard voor flink veel lawaai zorgt.

    En dan blijkt er ook nog een oplettende buurtbewoner snel naar ’t Dijkhuis gefietst te zijn. Omdat er rook uit één van de ramen boven kwam. Bij de deur gelukkig direct gerustgesteld door een brandweerman zelf. Wat mooi toch, dit dorp Bathmen. Zorg voor en met elkaar, zoals de directrice later trots zegt.
    Gelukkig zijn de BHV-ers ook goed op elkaar ingespeeld. Er wordt rustig met elkaar gesproken en wederom kordaat gehandeld. En zo zitten mevrouw en ik van een afstandje te kijken naar alle hectiek.

    Als de oefening op een gegeven moment weer voorbij is, en de zwetende brandweermannen zich beneden verzamelen, wordt de avond blijkbaar ook nog afgesloten met een evaluatie. Hier zijn verschillende disciplines bij aanwezig. De brandweer, de BHV-ers, de directrice, de teamcoördinatoren en de technische dienst.

    Wat een indrukwekkende avond was dit weer. Een bijzonder mooie samenwerking.

    Als ik weer naar mijn eigen huis ga, pak ik mijn spullen bij elkaar. Autosleutel, drinkfles, portemonnee en… een boek waar ik vanavond uit voor had willen lezen. Pluk van de Petteflet, met zijn rode brandweerwagen.

    Nathalie Steffens
    (ik doe vrijwilligerswerk bij ’t Dijkhuis, op de plek waar mensen met dementie wonen)

    Lees meer
  • Mirjam Schreuders

    Blog Nathalie Steffens: Die leuke man

    Het is 18:30 uur en mevrouw ligt al in bed.

    Een lekker zacht kussen, een luchtig opgeklopt dekbed, mevrouw ligt er behaaglijk bij.
    Ze verdwijnt bijna in haar beddengoed.

    Ik vraag of ik nog even bij haar mag komen zitten. Ze kijkt me vriendelijk aan en zegt dat het prima is.
    Als ik om mij heen kijk waar ik zal gaan zitten, zie ik verderop twee stevige mooie fauteuils staan. Zo stevig, dat ik die niet zomaar even naar haar bed toe sleep. Maar om nu ongevraagd zomaar op haar bed te gaan zitten, nee, dat voelt ook niet okay.
    Ik vraag mevrouw dan ook maar wat zijzelf prettiger vindt, als ik op haar bedrand kom zitten of liever in een stoel?

    Gelukkig geeft ze zelf de voorkeur voor haar bed aan. Kom ik goed mee weg.

    Na even wat gepraat te hebben, merk ik dat de gespreksonderwerpen wat uitgedund raken.
    Ik pak er daarom maar een tijdschrift bij, dat ik geleend heb uit de woonkamer.

    Het is een tijdschrift over de Koninklijke familie. Mevrouw reageert enthousiast. Ja, daar heeft ze nog wel zin in.

    Maar hoe ga ik nu toch zitten? Zodat èn mevrouw de foto’s goed kan zijn èn ik het tijdschrift vast kan houden èn we ook nog oogcontact kunnen maken. Ik ga wat verzitten en draai wat in het rond. Het is het allemaal net niet. Totdat ik merk dat de beste houding toch echt half op bed liggend is, steunend op mijn ene arm.  Ik check nog even bij mevrouw of zij dit wel prettig vindt, maar zij lijkt het de meest normale gang van zaken te vinden. Er is tenslotte nog voldoende bewegingsruimte voor haar.

    Als de verzorgende binnenkomt om koffie te brengen, voel ik me toch genoodzaakt om snel toe te lichten waarom ik half onderuit op bed lig.
    Maar ook de verzorgende kijkt gelukkig niet vreemd op. Er wordt hier in ’t Dijkhuis echt zo goed gekeken naar wat aansluit bij de behoeften en wensen van de bewoners. Het is tenslotte hun huis en wij zijn op bezoek.

    Tijdens het bekijken van het tijdschrift, benoemt mevrouw een aantal keer dat ze Koning Willem Alexander zo’n leuke man vindt. Hij staat dan ook vaak stralend op de foto. Als ik haar vraag of ze zelf samen is geweest met een man, zegt mevrouw dat ze niet getrouwd is geweest, dat ze geen man heeft gehad.

    “En wat vindt u er van, had u wel graag een man gehad?”
    “Nou nee, ik ben de juiste niet tegengekomen. Maar ik heb hem niet gemist”.

    “En jij?”
    “Nee, ik mis hem ook niet”.

    We lachen er hartelijk om en kijken tevreden nog even naar die leuke man in het tijdschrift.

    Nathalie Steffens
    (ik doe vrijwilligerswerk bij ’t Dijkhuis, op de plek waar mensen met dementie wonen)

    Lees meer

insturen

deel uw verhaal

Wij vinden uw mening belangrijk en waarderen het dan ook als u uw verhaal wilt delen met ons. Hebt u een verhaal dat betrekking heeft op ‘t Dijkhuis? Deel dit dan met ons. U kunt het verhaal via dit formulier insturen. Wie weet vindt u uw verhaal terug op deze pagina!