Dijkhuis

Kwaliteitsplan 2021: Kwaliteit is op elkaar vertrouwen

 

Kwaliteit is in 2021 vertrouwen. Vertrouwen op elkaar, in de toekomst en in ’t Dijkhuis.

In ons kwaliteitsplan zijn de maatregelen beschreven om ons te blijven verbeteren en ons aan te passen aan omstandigheden die, naast alles wat met corona te maken heeft, om handelen vragen.

 

Lees hier ons Kwaliteitsplan 2021

 

 

 

 

 

Nieuwsbrief Huisvestingsplan

 

In het najaar van 2019 heeft ’t Dijkhuis de vernieuwingsplannen gepresenteerd voor de nieuwbouw van tien zorgwoningen en de nieuwbouw en renovatie van het woon-zorg- en dienstencentrum.

Inmiddels is het Definitief Ontwerp (DO) gereed. Op basis hiervan wordt bij de gemeente Deventer om toestemming gevraagd om de plannen uit te mogen voeren.

In onze nieuwsbrief informeren wij over de stand van zaken en de voorlopige planning van de uitvoering van het huisvestingsplan.

 

 

Renovatie en nieuwbouw ’t Dijkhuis in Bathmen

Het college heeft de uitgangspunten vastgesteld voor de renovatie en vernieuwing van woon-, zorg- en dienstencentrum ’t Dijkhuis in Bathmen. Het doel van ’t Dijkhuis is dat de dorpsbewoners met een zorgvraag in principe in het dorp kunnen blijven wonen, ook als de zorg omvangrijker en complexer wordt.

Wethouder Liesbeth Grijsen: “Wij staan positief tegenover deze ontwikkeling. Nieuwe zorgwoningen in Bathmen voorzien in een behoefte. Belangrijke uitwerkingspunten zijn nog het parkeren en de inrichting van de omgeving.”

Directeur-bestuurder Jackie van Beek: “We streven met de vernieuwing van ’t Dijkhuis een uitnodigend, open en eigentijds gebouw na met een lichte uitstraling en een duidelijke verbondenheid met de lokale gemeenschap van Bathmen.”

Plannen ’t Dijkhuis

De ingrijpende plannen omvatten onder meer nieuwe (huur)appartementen en een nieuw restaurant aan de Kerkdijk. Het aantal ontmoetingsruimten wordt uitgebreid. Ook worden appartementen voor tijdelijk verblijf vernieuwd. Tweekamer zorgappartementen krijgen een betere indeling en de cliënten op een besloten afdeling dementie krijgen een beter toegerust appartement en meer buitenruimte.

Uitgangspunten

In de nota van uitgangspunten worden de kaders gegeven voor de nieuwe ontwikkeling. De gemeente vindt het positief dat ’t Dijkhuis de entree richting de Brink wil aanleggen. Daarnaast moet ’t Dijkhuis het parkeren goed regelen en zijn er kansen voor duurzame mobiliteit. Duurzaamheid is een belangrijk thema bij de renovatie.

Afstemming

De bewoners in de omgeving zijn eerder al over de plannen van ’t Dijkhuis geïnformeerd. Ook is er overleg met de werkgroep Brink Bathmen. In oktober is er wederom een communicatiemoment met de buurt gepland.

Verder proces

Hierna volgt een zogeheten anterieure overeenkomst en de bestemmingsplanprocedure. In die procedure heeft iedereen de gelegenheid om reacties op het plan te geven.  Het ontwerl bestemmingsplan wordt daarna ter besluitvorming aan de gemeenteraad voorgelegd. De bouw en renovatie vinden vervolgens gefaseerd plaats en duren naar verwachting tot en met 2024.

Dit bericht verscheen vrijdag 28 augustus 2020 op de voorpagina van www.deventer.nl en deze week in de Deventer Nu pagina in de Deventer Post.

 

Blog Jackie van Beek: We moeten samen door deze moeilijke en verdrietige tijd, met respect voor ieders situatie

Wat is het toch een zeer moeilijke en verdrietige tijd. Het Coronavirus houdt ons allen stevig in z’n greep. Cijfers, feiten en meningen passeren dagelijks in het nieuws de revue. We blijven allemaal zoveel mogelijk thuis en we hopen dat we het virus op die manier samen onder controle krijgen.

Verpleeghuizen hebben de deuren voor bezoekers en familie gesloten, zo ook ‘t Dijkhuis. Ondertussen werken de mensen in de zorg keihard om alle cliënten zo goed mogelijk te verzorgen. Dagelijks doen zorgverleners hun uiterste best om de kwetsbare ouderen die in ‘t Dijkhuis wonen de juiste zorg en ondersteuning te geven. Dat doen zij in moeilijke omstandigheden en volgens de RIVM-richtlijnen. Een groot compliment aan hen!

Medeleven in deze zware periode
Voor de vrijwilligers en familieleden van de bewoners is het een hele zware periode. Want in `t Dijkhuis zijn helaas zieken en sterfgevallen te betreuren. Ik wil mijn oprechte medeleven uitspreken aan iedereen die dit betreft. Wij staan hen, binnen de mogelijkheden die we hebben, zo goed mogelijk bij.

Met iedereen die zo graag op bezoek zou willen komen leven wij enorm mee. We begrijpen dat het moeilijk is dat dit nu niet kan.

Medewerkers proberen bewoners en familie in alles zoveel mogelijk te ondersteunen. Zij komen regelmatig op de kamers van de bewoners om een praatje te maken, voor te lezen, muziek af te spelen of een spel te doen om zo de tijd te veraangenamen. Familieleden kunnen bellen, meelezen in de cliëntendossiers of, als de bewoner niet ziek is, een afspraak maken voor de kuierbox. Daar wordt dankbaar gebruik van gemaakt!

Richtlijnen RIVM
We houden ons aan de landelijke voorschriften en aan de richtlijnen van het RIVM die in elk geval nog van kracht zijn tot 28 april. Het altijd zo levendige Dijkhuis is hierdoor stil en vrijwel verlaten. Alle bewoners zijn in hun eigen kamer en er kunnen geen groepsactiviteiten georganiseerd worden. De stamtafel en ons restaurant zijn leeg. De kapper en de winkel zijn gesloten. Dit is helaas noodzakelijk om zo min mogelijk bewoners in aanraking te laten komen met het virus.

Hartverwarmende acties van buitenaf
Veel mensen van buitenaf leven met ons mee, gezien de acties, de berichten, de kaarten, de snoepjes, chocolade, bloemen en straattekeningen en ga zo maar door. Hartverwarmend! Het maakt deze tijd voor iedereen wat dragelijker. Dank daarvoor!

Samen en met respect voor ieders situatie
Voor mij is het duidelijk dat we deze tijd alleen met elkaar goed door kunnen komen. Samen alles doen wat mogelijk is en met respect en begrip voor iedere persoonlijke situatie.

Ik wens iedereen die dit leest veel sterkte, moed en kracht om deze moeilijke en verdrietige tijd door te komen. Ik hoop u allen over een poosje in betere tijden weer te ontmoeten.

Een warme groet,
Jackie van Beek
Directeur `t Dijkhuis

Nieuwe blog Nathalie Steffens: Een waardevolle handeling

Mevrouw Welling zit aan de grote tafel. Ze leunt achterover in haar stoel. Mevrouw is afwisselend stil en vertelt vervolgens een heel verhaal, voor mij moeilijk verstaanbaar, binnensmonds. Als ik niet heel direct en bewust één op één met haar in contact ben, begrijp ik haar jammer genoeg niet. Ik snap niet wat ze zegt of bedoelt.

Als ik dichtbij haar ga zitten, oogcontact maak en haar hand vast pak, begrijpen we elkaar soms iets beter.
Ik besef dat ik nog aan het zoeken ben naar een manier waarop ik mevrouw Welling bij een gesprek of activiteit met meerdere bewoners kan betrekken.  Soms sla ik de plank mis, maar het komt ook voor dat mevrouw glimlacht als ik iets doe of zeg. Ik neem het zoals het is.

De verzorgende komt langs met de kar met drinken. Ze vraagt mevrouw of ze een lekker kopje koffie wil.
Mevrouw geeft haar niet in woorden antwoord, maar friemelt druk met haar handen aan iets. Als ik beter kijk, zie ik dat mevrouw Welling niet daadwerkelijk iets in haar handen heeft. Maar voor haar is dit wel zo. Ze komt erg onrustig op me over.

De verzorgende buigt naar mevrouw toe om zodoende beter contact te kunnen maken. Ze maakt van haar handen een kommetje en vraagt mevrouw of zij het aan zal pakken? Mevrouw Welling kijkt haar aan, wordt rustiger en doet de spullen langzaamaan in de handen van de verzorgende.

De verzorgende neemt de tijd, houdt haar kommetje nog wat langer bij mevrouw, zodat ze de ruimte krijgt om al die voor ons denkbeeldige dingen erin te doen.

Als alles verzameld is, legt de verzorgende de spullen voorzichtig en teder op de kar, zodat mevrouw Welling precies kan zien wat ze doet. De verzorgende legt haar ook nog uit wat ze met de spullen heeft gedaan en dat ze die mee zal nemen.

Mevrouw Welling knikt.
Zo is het goed.

Wat een waardevolle handeling, in alle rust gedaan.

Nieuwe blog Nathalie Steffens: Een dansje wagen

Elke keer weer weet André Rieu voor een spectaculaire show te zorgen. Samen met zijn Johan Strauss orkest. Klassieke muziek, glimmende instrumenten, sierlijke bewegingen, enthousiast publiek, chique kleding, een combinatie waar de meeste bewoners blij van worden.

Ik verdenk veel verzorgenden ervan André in hun hart te hebben gesloten, puur door de reacties van de mensen waar zij graag voor zorgen. Want wat genieten zij hier vaak intens van. Volle aandacht voor de show, met glimlachen op hun gezichten.

Zo ook mevrouw Overduin.
Ze volgt geconcentreerd welk nummer er gespeeld wordt.
Haar ogen twinkelen terwijl ze naar de tv kijkt. Lied na lied.

Op het moment dat we even oogcontact hebben, wenkt ze me dichterbij en fluistert: “Ik zou zo graag een keer een dansje met een man willen doen. Maar dat mag niemand weten.” “O, wat leuk, een dansje met een man. Zal ik eens kijken of ik een man kan vinden voor u?”

“Maar niks zeggen, hè?”

“Nee, ik verklap niks”.

 

Nathalie Steffens
(ik doe vrijwilligerswerk bij ’t Dijkhuis, op de plek waar mensen met dementie wonen)

Nieuwe blog Nathalie Steffens: Samenspel

Vanavond gaan mevrouw van Tijd en ik iets samen doen.

Soms vind ik het een beetje moeilijk om wat dieper met haar in contact te komen. Vooral als ze mij niet verstaat of begrijpt. In die situaties lacht ze namelijk al snel ‘het ongemak’ weg. Ben dus heel benieuwd hoe het zal zijn als we met z’n tweeën op stap gaan.

De verzorgende vertelt dat mevrouw vroeger vaak het spel Rummikub speelde. Ah mooi, dat geeft een beetje houvast.

Ik vraag mevrouw vervolgens of ze zin heeft om samen beneden met mij te gaan rummikuppen.

Met het spel in de aanslag, ondersteunt door enkele gebaren, snapt mevrouw wat ik bedoel. Enthousiast staat ze op en haakt bij mij in. Samen wandelen we door de gang op weg naar beneden.

Als we tegelijk met een volwassen dochter van een medebewoner de lift instappen, steekt mevrouw haar hand uit richting het gezicht van de vrouw. Mevrouw van Tijd wrijft een aantal keer met gebogen vinger over de neus van de dochter. Zij deinst niet terug, maar gaat mee in deze vorm van contact maken. Mooi dat het zo gaat.

Beneden bij de tafel aangekomen starten we direct met het spel. Nou ja, echt starten gebeurt eigenlijk nog niet. Mevrouw kijkt naar de plankjes en naar mij. Ze laat zich niet verleiden tot het blind wegleggen van de stenen. Wat ik ook doe of zeg.

Zal ik gewoon doorgaan met de voorbereidingen zodat we het spel gaan spelen? Of zal ik me meer afwachtend opstellen?

Ik besluit de stenen verder te verdelen. Door deze keuze komt mevrouw ook in beweging.
Het sorteren van de stenen blijkt een opgave voor mevrouw te zijn. Welke steen moet nu toch naast welke? Welke cijfers horen er bij elkaar? Wat betekenen de kleuren?

Ik maak nu van heel dichtbij mee wat wel direct duidelijk is voor mevrouw en wat verwarring creëert.

De ene keer telt mevrouw logisch van 6, 7, 8 naar 9. De keer erna komt ze op 1, 3, nog een 3, nog een 3 en een 4.

Als ze vervolgens een steen met het getal 11 pakt, is het zoeken geblazen waar deze steen geplaatst kan worden.

Om nog meer ontspanning te ervaren, besluiten we echt samen te gaan spelen. We kijken bij elkaar op de plankjes om te zien of we met gezamenlijk setjes kunnen maken. Kunnen we allebei niet? Dan geef ik een nieuwe steen aan. En zo wordt het een relaxed spel voor ons beiden. We hebben het erg gezellig.

En dan opeens staat er een dame aan onze tafel. Ze zwaait en zegt mevrouw van Tijd gedag. Mevrouw kijkt en glimlacht wel even, maar zegt niks terug. De dame aan onze tafel legt vervolgens uit dat mevrouw van Tijd familie van haar man is. Dat ze net terug is van een dagje uit, met de bus van ’t Dijkhuis. Het was geweldig!
Enthousiast nodigt ze mevrouw van Tijd via mij uit om ook eens met haar te Rummikuppen. Ze geeft haar kamernummer door en hoopt dat ze nog eens samen kunnen spelen.

Dit kan ik niet laten schieten. Ik neem me voor om binnenkort eens met z’n drieën Rummikub te doen..
Met alleen maar winnaars als resultaat.

Nathalie Steffens
(ik doe vrijwilligerswerk bij ’t Dijkhuis, op de plek waar mensen met dementie wonen)

Jackie van Beek in voorwoord kwaliteitsplan 2020: Kwaliteit is verbanden leggen

Er wordt vanaf de jaren 1980 gesproken over de aankomende veroudering van de naoorlogse geboortegolf en de maatschappelijke gevolgen daarvan. Deze ‘vergrijzing’ van de samenleving wordt vaak als een vraagstuk of probleemstelling beschouwd. Inmiddels is later nu en veroudering de realiteit waartoe we ons met elkaar moeten verhouden. Gemeenschapszin, samenwerking, betrokken zijn, betrokken worden en behoud van zeggenschap zijn de begrippen die ons helpen de samenleving duurzaam hierop aan te passen.

 

Het begrip ‘vergrijzing’ is vanwege een veelvuldig gebruik wellicht wat sleets geworden. Terwijl het een bruikbare term is om de gebeurtenissen van deze tijd en in ’t Dijkhuis te begrijpen. Door breder te kijken betekent vergrijzing namelijk meer dan toenemende zorgvragen, hogere zorgkosten, krapte op de arbeidsmarkt en een tekort aan passende huisvesting. Vergrijzing dwingt ons om op een creatieve en originele manier naar zorg en de organisatie daarvan te kijken. Hiermee lossen we de huidige en toekomstige vraagstukken op en de kwaliteit van de zorgverlening kan erdoor verbeterd worden.

 

Het voorgaande betekent voor het kwaliteitsbeleid van ’t Dijkhuis dat alle actuele en toekomstige thema’s gerelateerd zijn aan een samenleving die vergrijsd is. Er wordt daarom rekening gehouden met het volgende:

  • Nieuwe maatregelen zijn nodig, passend en zinvol en gaan van vergrijzen uit
  • Organisaties bereiken hun doelen door lokaal en regionaal intensief met elkaar samen te werken en hun kennis en expertise te delen. Grenzen tussen organisaties worden beschreven in specialismen
  • Lokaal en regionaal vindt creatieve samenwerking plaats op het gebied van onder andere scholing en opleiding van (nieuwe) medewerkers, huisvesting, toepassing van technologie en de organisatie van de specialistische zorgverlening

 

In dit kwaliteitsplan wordt een concreet overzicht gegeven van de middelen en maatregelen die in 2020 worden ingezet om de organisatie te vernieuwen en te verbeteren. Hierbij weten we dat persoonlijke aandacht een kostbaar goed is. We willen dat iedereen die in ’t Dijkhuis woont, werkt of op bezoek komt ervaart wat een van onze bewoners onlangs treffend zei: ‘ik heb het hier heel best noar mien zinne’

 

Nieuwe blog Nathalie Steffens: Psalmverzen

“Ik heb een vraag aan jou. Ben je bekend met psalmverzen?” Verbaasd kijk ik haar aan en zeg dat ik in een ver verleden wel katholiek ben opgevoed, maar niet precies weet wat psalmverzen zijn.

Ze licht toe dat mevrouw Kloosterboer vandaag in de woonkamer ligt, in haar eigen bed.
De laatste tijd laat de gezondheid mevrouw namelijk steeds meer in de steek.

De verzorgende zegt dat mevrouw het fijn vindt als iemand haar deze verzen voorleest. Of toe zingt.

Ik pak deze kans graag met beide handen aan en zeg dat ik de psalmverzen wel opzoek op mijn telefoon.
Om zo meteen tijd samen door te kunnen brengen, op een intieme manier, geeft me een warm gevoel.

Als ik de hoek omloop, zie ik haar liggen. Een kleine vrouw in een groot bed. Glimlachend kijkt ze om zich heen.

Heldere ogen. Ze ziet er goed uit. In tegenstelling tot vorige week.
Een wensgedachte vliegt voorbij; zou ze dan toch weer aan het opknappen zijn?

Nadat we een poosje op onze eigen manier gekletst hebben, pak ik mijn telefoon erbij.
Google helpt ons aan de verzen.
Even schrik ik: dit ken ik niet, het taalgebruik is niet van deze tijd, welk vers is nu gepast, welke melodie hoort hierbij?
Een ding is zeker: zingen wordt hem niet. Ik word al ongemakkelijk bij het idee.

Ik gooi de rest van m’n twijfels over boord en vertrouw op de intentie.
Vol overgave lees ik het eerst vers aan mevrouw voor.

Het slaat aan. Mevrouw reageert met ooo’s, jaaa’s en korte zinnen.

Als ik mijn hand zacht op haar dekbed leg, pakt ze mij vast en laat zo haar handen liggen. De onderwerpen van de verzen lopen uiteen van God, naar berusting, van leven, naar de dood.

Heel voorzichtig praten we samen een klein beetje over de dood. Praten, op haar eigen wijze. Waar ik zo goed mogelijk bij probeer aan te sluiten, haar probeer te begrijpen, waar ik soms niet weet waarover het gaat, waar ik waarschijnlijk de plank vaak missla. Maar bovenal, waar we samen mooie momenten beleven.

Opeens horen we een man en een vrouw, achter ons. Ze komen overduidelijk voor mevrouw. Het is familie, haar zoon en schoondochter.
Snel maak ik plaats voor hen aan het bed.

Van een afstand kijk ik nog even naar hen. Een liefdevol plaatje.
Haar zoon hangt half over haar bed, lekker dicht naar haar toe.

Ze zijn alle drie zo blij elkaar te zien. Daar kan geen psalmvers tegen op.

Nathalie Steffens
(ik doe vrijwilligerswerk bij ’t Dijkhuis, op de plek waar mensen met dementie wonen)

Nieuwe blog Nathalie Steffens: ’t Koetje

Vandaag staat er een bijzonder uitstapje op het programma.
We gaan op bezoek bij ’t Koetje in Bathmen.
’t Koetje is een kinderopvang op de boerderij.

Iedereen een jas aan? Rollators mee? Rolstoelen aanwezig? Klaar om te gaan? Ja, we kunnen.
Ons uitje gaat direct al van start. Al slenterend door de gangen van ’t Dijkhuis, kijken de bewoners hun ogen uit.  Prachtige schilderijen aan de muur, groetende verzorgenden, zwaaiende bewoners van beneden, ramen met ander uitzicht. Er is overal wel wat te zien. En zo komen we dik tien minuten later in de ontvangsthal aan.

De chauffeur van de bus helpt de mensen met een rolstoel stuk voor stuk de bus in. Zorgvuldig maakt hij de rolstoelen goed vast, handelt rustig en maakt gezellige praatjes met de bewoners.

Ondertussen helpen de verzorgende en ik de lopende bewoners om de bus in te komen. Wat zijn de treden dan opeens hoog. Zouden er ook tussentreden bestaan? De bewoners laten zich niet kennen en klimmen de bus in.

Als alles en iedereen in de gordels zit, gaan we op weg. De bus is volgeladen. De chauffeur, vier bewoners, twee rolstoelen, een rollator, een verzorgende en nog een vrijwilliger.
Het rijden door de buurt maakt genoeg los bij de bewoners.
Er wordt in het rond gekeken, gelachen, gesproken over de omgeving en ook … geslapen. Meneer Williams is in de ochtend vaak moe.

Na een korte, maar zeer geslaagde rit draaien we het erf van ’t Koetje op.
De verzorgende ziet het al snel, ze wijst ons op een prachtig plaatje.
1, 2, 3, 4, 5, 6, 7 …. kleine schattige neusjes. Allemaal aandoenlijk tegen het raam aan geplakt..
De peuters staan op een kluitje door de ruiten van de deur te kijken wie er vandaag bij hen op bezoek komen. Ze staan de bewoners vol verwachting op te wachten.
De gezichten van zowel de bewoners als van de kinderen stralen.

Als de bewoners uiteindelijk binnen bij de peuters zijn, ontstaat er een mooi tafereel. De kinderen en bewoners kijken elkaar eerst lang aan. Er wordt niks gezegd. Gewoon oogcontact, dat er ontspannen uit ziet.

De enthousiaste leidsters begeleiden een aantal kringspelletjes met de peuters. De bewoners genieten van deze live-voorstelling. Er wordt gezongen, gekeken, gewezen, gelachen en genoten.

En dan komt er een jongetje bij mevrouw Overduin staan. Hij vertelt haar uitgebreid over zijn armbandje, dat zulke mooie kleuren heeft, waar ook het telefoonnummer van zijn moeder op staat. Mevrouw Overduin luistert, reageert, wordt actief en leeft op. De verzorgende legt uit dat dit jongetje het altijd zó fijn vindt als de bewoners er zijn. Hij zoekt hen graag op en zorgt voor de meeste interactie tussen jong en oud.

“Kwaak! kwaak! kwaak!” Luid kwakend maakt een jongen ondertussen kikkersprongen voor alle bewoners langs.
Iedereen kijkt z’n ogen uit. Behalve meneer Williams, hij heeft zijn ogen weer even dicht.

Als afsluiting gaan we met z’n allen richting de stal.
Nadat de kinderen hun overal en laarzen aan hebben getrokken, nemen we de bewoners ook mee naar de koeien. We ruiken het voer, horen de koeien, voelen de wind, zien de kinderen allemaal met bezems in de weer om het voer dichter naar de koeien te vegen.

Meneer Williams is opeens wakkerder dan ooit. De koeien vindt hij prachtig om te zien, net als de heen- en weer rennende kinderen. Overal om ons heen gebeurt wel wat.

Ook mevrouw Overduin neemt zelf steeds meer initiatief. Ze meldt de leidster dat een meisje een snotneus heeft. Ze reageert troostend op het huilen van een verdrietig jongetje. Ze praat tegen langslopende kinderen. Wat een verschil. Mevrouw kan thuis in ’t Dijkhuis soms verdrietig zijn. Daar is nu niks van terug te zien.

Na afloop van het aangename bezoek zwaaien de kinderen ons liefdevol uit.
De bewoners zijn ondertussen moe geworden. De kinderen daarentegen zijn energiek en spelen door in de stal.

Gelukkig komen de kinderen volgende week weer naar ’t Dijkhuis toe.
Dan kunnen er nog meer bewoners van en met hen genieten.

Jong en oud, ’t Koetje en ’t Dijkhuis, wat een prachtige combinatie.