Dijkhuis

Nieuwe blog Nathalie Steffens: De riem

Babs trekt met beide handen aan de riem van haar rolstoel. De riem zit om haar buik en zorgt ervoor dat ze niet wegglijdt. Het zit Babs niet lekker. Ze blijft trekken, maar dat ding geeft niet mee. Babs raakt meer en meer geïrriteerd. Die riem moet los en snel.

Het lukt haar niet.

Ik vraag haar hoe het met haar gaat vanavond. Daar heeft ze geen oren naar. Haar focus ligt op de riem. Geen tijd voor kletspraatjes.

Daarom vraag ik haar wat ze graag wil.

– Los, ik wil los!

Er flitsen allerlei gedachten door me heen. Waarom wil Babs die riem opeens los? Zit ie te strak? Wil ze verzitten? Denkt ze dat ze nog kan gaan wandelen? Heeft ze ergens last van?

Ik besluit met haar mee te bewegen. Sterk hopend dat dit ons een stapje verder brengt.

Ja Babs, ik zie dat je je riem los wilt hebben.

– Ja, antwoord ze kortaf.

Ik hoor dat je los wilt.

– Ja. Zeker.

Wat wil je doen als je los bent?

– Ik wil weg.

Waar wil je naar toe?

– Ik wil rust.

Okay, ik snap je Babs. Je wilt los zodat je de rust kunt opzoeken. Even weg uit de drukte.

– Ja, dat is wat ik wil. Eindelijk. Het is te druk.

Weet je wat we doen? Ik neem je mee naar een rustige plek. Daar drinken we wat lekkers samen. Koffie of warme chocolademelk.

Hoe vind je dat?

– Dat lijkt me heerlijk.

Babs frunninkt nog wat aan haar riem en legt vervolgens haar handen in haar schoot.

Al wandelend door de gangen kletsen we over koetjes en kalfjes, over de mensen die we tegen komen, over hoe fijn het is om samen te zijn. Bij de rustige stamtafels aangekomen, haal ik warme chocolademelk voor ons. Vanuit de keuken kijk ik nogmaals naar Babs.

Ze zit met een brede glimlach om zich heen te kijken, haar handen ontspannen rustend op haar riem.