Dijkhuis

Nieuwe blog Nathalie Steffens: Het Mannenkoor

De twee verzorgenden van vanavond zitten samen met een aantal bewoners in de woonkamer.
Er wordt gelachen, gesproken over vroeger, herinneringen opgehaald, bijnamen verteld, kortom de sfeer is opperbest.
Het leuke van dit soort momenten vind ik ook dat de verzorgenden tijd hebben om extra informatie met mij te delen. Zo vertellen ze dat de gemiddelde leeftijd van de bewoners hier best hoog is. 96 jaar, 89, jaar, 95 jaar, en de jongste van het stel 85 jaar die vorige week nog een mooi verjaardagsfeest heeft gevierd.

Er zit een macht aan levenservaring om de tafel. Bijzonder. Het roept bij mij automatisch een gevoel van respect op. En als ik mijn ongeloof uit over de hoge leeftijden, wordt er enthousiast op gereageerd. Ik zie trotse en genietende blikken. Ja, ja… dat hebben ze hem toch maar mooi geflikt !
Na het gezamenlijke moment is de tijd aangebroken voor wat individuele aandacht.
Ik vraag een bewoonster of ze met mij mee op stap wil. Ze heeft er gelukkig wel oren naar. We besluiten om nog even van het mooie weer te genieten en kiezen voor een wandeling. De verzorgende helpt mevrouw in een rolstoel en in haar jas. Vervolgens lopen we naar de lift.

Een medebewoonster blijkt met ons mee te lopen. Prima, gezellig met z’n drieën de gang door. Maar bij de lift aangekomen wil deze dame ook mee de lift in. Ik leg haar zo duidelijk mogelijk uit dat dit nu niet kan. Tijdens mijn uitleg voel ik me er al een beetje rot onder worden, ik voel de bui al hangen. Het voelt alsof ik mevrouw er niet bij wil hebben, alsof ik haar buitensluit. Mevrouw is het er dan ook totaal niet mee eens. Ze staat niet open voor mijn uitleg, maar wordt geïrriteerd, ze wil mee. Als ik de liftdeur enigszins blokkeer, geef ik aan dat we straks terugkomen en dat we dan nog samen kunnen wandelen. Haar reactie is even eerlijk als pinnig : “Ja, maar dan ben ik er niet meer.”  Boos schuifelt ze weg. Ongemakkelijk schuifel ik de lift in.

Buiten aangekomen, merken mevrouw en ik dat het flink is gaan waaien. Gelukkig zit er een muts in het net achter de rolstoel. Met jas aan, sjaal om, muts op en handen in haar zakken heeft mevrouw het toch wel lekker behaaglijk.
Ik rijd mevrouw voorzichtig over de stoepen. Als vrijwilliger voel ik het best als een hele verantwoording om zo met elkaar op stap te gaan. We kletsen over dingen die we tegenkomen onderweg. Ik krijg het idee dat mevrouw het fijn vindt om wat andere indrukken op te doen. Als we langs het terras van restaurant Boode zijn gewandeld, kijk ik links naar boven. Oef… wat een donkere lucht daar in de verte! Er komt regen aan en niet zo’n kleine bui ook. Ik moet er voor zorgen dat we zo snel mogelijk weer binnen zijn, maar dan zonder haar de indruk te geven dat het haastwerk wordt. Met of zonder pitstop droog zien te blijven.

Gelukkig komen we net op tijd weer ’t Dijkhuis binnen wandelen. Droog en wel. Vervolgens zit mevrouw met een lekkere warme chocomelk te genieten van alles om haar heen. Vanavond blijkt ook het mannenkoor te gaan repeteren. We zien de mannen stuk voor stuk binnendruppelen. Als er opeens een man achter ons langs loopt, zegt mevrouw: “Zo, die scharrelt er ook maar mooi even langs”. Heerlijk toch, dit soort uitdrukkingen. Mevrouw en ik besluiten bij vier andere mensen te gaan zitten om naar het koor te kunnen luisteren.
En dan… dan is het alleen nog maar genieten. Mevrouw zit aandachtig te luisteren en met wakkere ogen te kijken. De ruimte wordt gevuld met warme mannenstemmen, mooie live accordeonmuziek en dat alles onder regie van een goede dirigent. Prachtig.
Mevrouw en ik kijken elkaar aan en zeggen: “Wat is het leven mooi, hè?”

Nathalie Steffens
(ik doe vrijwilligerswerk bij ’t Dijkhuis, op de plek waar mensen met dementie wonen)
(de foto is met toestemming van de familie geplaatst)