Dijkhuis

Blog Nathalie Steffens: De burgemeester

 


Met zijn vieren kijken we verschrikt op. Wat een tumult opeens, wat een lawaai komt er uit de andere woonkamer. Het lijkt, met alle respect, op een ruzie tussen twee marktdames. Luide stemmen, met steeds meer volume, alsof ze tegen elkaar opbieden.
Ik kijk mijn buurvrouwen aan. Zij kijken verbaasd en met grote ogen terug. Als ik aanstalten maak om te gaan kijken wat ik kan doen, zie ik dat een verzorgende mij al voor is. Uiteraard.

Binnen de kortste tijd is het weer stil. De verzorgende komt met een vrouw in een rolstoel binnen. Ze wacht geduldig af waar ze neergezet wordt. Ik sta op, wenk haar naar mij toe, maak plaats aan de tafel en ontvang haar ‘overdreven’ enthousiast. Ik open mijn armen en zeg haar: “Aaah gelukkig, daar bent u, ik hoorde u al van verre aankomen. Ik miste u al.”

Ze pakt mijn humor goed op en zegt: “Ja, ik had de bek te groot”. Ik moet lachen, wat een ondeugend gezicht trekt ze hierbij. Deze vrouw heeft het op dit moment zeer helder.

Mijn insteek is om te helpen de rust weer terug te krijgen in de woonkamers. Mede daarom ontferm ik me over deze vrouw. Als ik om ons heen kijk, merk ik dat dit slechts deels gelukt is. Twee andere vrouwen zijn ondertussen opgestaan en hebben een andere plek opgezocht, waarschijnlijk omdat de overstap van bijna stilte aan tafel naar deze levendigheid te groot was. Gelukkig zorgen zij goed voor zichzelf.

Als ik mijn aandacht weer puur op de vrouw in de rolstoel richt, is ze vrij ontspannen en rustig. Hierbij vertelt ze wel honderduit. De verhalen die zij mij vertelt gaan elke week in ieder geval over haar man en over de burgemeester. Ze vindt de burgemeester erg aardig, heeft het hart op de goede plaats. Ook heeft ze ooit een klein potje van de burgemeester gekregen, zo attent.

Ik ga op in haar verhaal en raak steeds benieuwder naar hoe zij toch zo’n speciaal contact met de burgemeester heeft op kunnen bouwen. Is dat omdat haar man bij de politie zat? Is het omdat de burgemeester dichtbij haar woonde? Is het omdat ze ooit een lintje heeft gekregen? Of is de burgemeester een bekende van de familie? Ik zal het straks eens aan de verzorgende vragen, misschien dat zij het weet.

Ondertussen heeft de vrouw de krant van ’t Dijkhuis te voorschijn gehaald, De Voordeur.
Mevrouw vertelt dat haar foto er ook in staat. Samen bladeren we de krant door. Helaas kunnen we haar niet direct vinden.
Als we opnieuw beginnen met zoeken (en ik me afvraag of ze echt in de krant staat of dat ze hierover in de war is), ziet ze zichzelf voorop de krant. Ja, zeg! Ik zie haar op de foto, buiten voor ’t Dijkhuis in ’t Zonnetje.
Wat leuk.

Vervolgens bladeren we weer door.
Op een gegeven moment pakt ze de krant steviger vast, fleurt op en wijst resoluut de directrice Jackie van Beek aan. “Ja”: zegt ze, “daar heb je haar, de burgemeester!